Werelderfgoed

Grote Markt

De Grote Markt van Brussel wordt door Unesco beschouwd als een uitzonderlijk voorbeeld van een eclectische en welgeslaagde mix van architectuur- en kunststijlen die blijk geven van de cultuur en de maatschappij van de regio. De locatie ‘illustreert op bijzonder wijze de evolutie en het succes van een handelsstad in Noord-Europa op het hoogtepunt van haar welvaart’.

Al sinds de 12e eeuw is dit een marktplaats (de oorspronkelijke naam in het Oudnederlands was ‘Nedermerckt’, of ‘lage markt’ ). Het plein raakte mettertijd geflankeerd door huizen en markthallen, die nog steeds hoofdzakelijk in hout werden gebouwd. Het gotische stadhuis kwam tot stand tijdens de 15e eeuw in drie fasen. In dezelfde eeuw worden in de gebouwen op de Grote Markt gildehuizen opgericht. Na de verwoesting door bombardementen van de troepen van Lodewijk XIV in 1695, wordt het plein bijna volledig heropgebouwd. In de daaropvolgende eeuwen vonden er nog verschillende grote verbouwingen en aanpassingen plaats.

Het Unesco-logo, in de vorm van bronzen plaquettes die op de grond werden geplaatst, is te vinden aan de zeven ingangen van de Grote Markt.

Vue Grand-Place

Belangrijke woningen van Victor Horta

Onder deze naam werden vier realisaties van de grote Belgische architect Victor Horta erkend in 2000. Deze vier huizen worden door Unesco beschouwd als ‘bijzondere voorbeelden van art-nouveau-architectuur’. Ze zijn ‘het werk van een creatief genie, dat de meest verfijnde uitdrukking van de invloed van art nouveau op kunst en architectuur weergeeft’. Deze stijl wordt gezien als een radicaal nieuwe benadering, die toekomstige veranderingen aankondigt.

Hotel Tassel

Dit wordt beschouwd als het eerste werk in art-nouveaustijl in Brussel. Het is een herenhuis dat in 1893 werd ontworpen door de architect in opdracht van eigenaar Emile Tassel, een hoogleraar aan de ULB die net als Horta vrijmetselaar was. Tassel, een alleenstaande man die bij zijn grootmoeder woonde, wou niettemin zijn vrienden kunnen verwelkomen en zijn wetenschappelijke werk in zijn huis kunnen voortzetten. De belangrijkste elementen van de art nouveau komen in dit gebouw samen: zichtbare metalen structuren, de integratie van decoratie in de structuur, belangrijke inval van natuurlijk licht (glas), enz.

Façade hôtel Tassel

Hotel Solvay

Dit gebouw, dat de behoeften van een grote 19e-eeuwse burgerlijke familie weerspiegelt, werd in de late jaren 1890 gebouwd op verzoek van de industrieel Armand Solvay. Door de bijna onbeperkte financiële middelen en een perfecte verstandhouding met de klant, is het ongetwijfeld een van Horta's best voltooide werken. De art-nouveau-elementen zijn duidelijk aanwezig: zichtbare structuren van kolommen, pilaren en stalen balken, aaneengesloten open ruimtes, inval van daglicht en zelfs een natuurlijk airconditioningsysteem!

Intérieur hôtel Solvay

Hotel van Eetvelde

Het Hotel Van Eetvelde ligt vlakbij de Europese wijk en is in 1895 ontworpen voor Edmond van Eetvelde, diplomaat en secretaris-generaal van de Kongo-Vrijstaat. Het aangrenzende huis (nummer 2) werd ontworpen door dezelfde architect op bestelling van dezelfde Van Eetvelde. Het was bestemd voor verhuur. Het hoofdhuis beschikt, naast andere elementen die kenmerkend zijn voor de Hortastijl, over een groot aantal zichtbare metalen elementen, een wintertuin met een schitterend dakraam, een grote gevel met een industriële uitstraling, enz.

Façade hôtel van Eetvelde

Huis en atelier van Victor Horta

Deze twee door de architect ontworpen huizen zijn gebouwd tussen 1898 en 1901. Nummer 23 is zijn architectenbureau en beeldhouwatelier en nummer 25 zijn privéwoning. Terwijl deze twee gebouwen het museum zelf herbergen, is het links aangrenzende huis – het zogenaamde ‘Hilsthuis’, dat dus geen werk van Horta is – een verlengstuk van het museum dat plaats biedt aan tijdelijke tentoonstellingen en een onderzoekscentrum voor art nouveau.

Façade et porte d'entrée maison Horta

Stocletpaleis

Dit gebouw werd in 2009 door Unesco erkend als ‘meesterwerk van het creatieve genie van de Weense Secessie’, een Oostenrijkse variatie op de art nouveau. ‘Het is een symbool van de constructieve en esthetische moderniteit in het Westen aan het begin van de 20e eeuw’ en had ‘een aanzienlijke invloed op het ontstaan van art deco’.

Het gebouw werd van 1905 tot 1911 gebouwd op een van de belangrijkste lanen van Brussel. De architect was de Oostenrijker Josef Hoffman, en het is tevens zijn belangrijkste werk. De eigenaar, Adolphe Stoclet, was bankier en verzamelaar. Het paleis en de tuin werden zonder financiële of esthetische beperkingen als een geheel ontworpen. Het vormt een totaalkunstwerk met een zuiver geometrisch karakter, dat een duidelijke breuk met de art nouveau weerspiegelt.

Extérieur palais Stoclet

Zoniënwoud

Het Zoniënwoud is een geliefkoosde plek van Brusselaars met een liefde voor natuur. Dit is een indrukwekkend groen gebied, waarvan een deel zich in het zuiden van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest bevindt. Het strekt zich uit over 4.400 ha en omvatte ooit het oude ‘kolenwoud’, een belangrijke brandstofbron.

Het hoge beukenbos of ‘kathedraalbeukenbos ’werd aan het einde van de 18e eeuw geïntroduceerd in het kader van een algemene herontwikkeling van het gebied. Op dat moment beslaat het bos nog bijna 10.000 ha!

In werkelijkheid zijn in 2017 slechts 5 kleine gebieden van het bos erkend door de Unesco, in totaal ongeveer 270 hectare. Deze 5 gebieden omvatten 3 ‘integrale bosreservaten’, d.w.z. ruimten die niet door de mens worden beheerd en waar het beukenbos zich dus spontaan ontwikkelt. Deze enkele hectaren voegen zich bij de ‘oude en voorhistorische beukenbossen van de Karpaten en andere regio's van Europa’, verspreid over 12 Europese landen.

Tijdens een bezoek aan het Zoniënwoud heb je de gelegenheid om enkele belangrijke erfgoedlocaties te bewonderen: de voormalige abdijsite van het Rood Klooster, de voormalige Renbaan van Bosvoorde, het Tournay-Solvaypark, het Kasteel van Terhulpen of het AfricaMuseum (of Koninklijk Museum voor Midden-Afrika).

Forêt de Soignes