Architectuur in Elsene: Oude geschiedenis en vijvers

Elsene, uitgestrekt en drukbezocht

Elsene, in het zuiden van Brussel, is een grote gemeente. Ze strekt zich uit van de rand van de Vijfhoek tot aan het Zoniënwoud. De gemeente beschikt over erg gevarieerde, kleurrijke architectuur. Die kan je zien in de dichtbevolkte wijken in het centrum maar ook in de niet minder levendige wijken Flagey en rond de begraafplaats van Elsene, waar veel studenten samenkomen. Er is dus veel moois te ontdekken uit alle periodes, van de historische kern rond de vijvers van Elsene tot de veel recentere verstedelijkte straten en wijken. Meer dan genoeg materiaal voor een heerlijke wandeling!

Vue générale de la place Flagey

Deze wandeling begint op het iconische Flageyplein. En met het niet minder iconische cultuurhuis Flagey. De bouw van het toenmalige Nationaal Instituut voor Radio-omroep (NIR) begon in 1935. Het gebouw werd ontworpen door Joseph Diongre, een bekende Brusselse architect, in een modernistische stijl. Zowel het exterieur als de binnengangen doen denken aan de oceaanschepen uit die tijd. (Belvédèrestraat, 23-29)

Op een steenworp afstand ligt de Heilig Kruiskerk, welbekend bij bezoekers van het Flageyplein. Maar wist je dat deze art-decokerk pas begin jaren 40 zijn huidige uiterlijk kreeg? De Heilig Kruiskerk werd tussen 1859 en 1865 gebouwd in neogotische stijl. Maar het gebouw vertoonde algauw tekenen van instabiliteit vanwege de vochtige en zanderige ondergrond. De kerk werd dus gedeeltelijk herbouwd tot zijn huidige gedaante. (Heilig-Kruisplein 3-4)

Aan de overkant van de vijver staat een architectenwoning, en dat is meestal een bezoek waard! Het gaat om het voormalige herenhuis van Ernest Delune, die het zelf ontwierp, duidelijk in art-nouveaustijl (1907). Deze architect ontwierp een indrukwekkende reeks huizen in deze straat, tot nummer 32! Het gebouw van 4 verdiepingen is het laatste in de straat, waardoor het er nog imposanter uitziet. (Valleistraat 2)

Résidence du Lac is een modernistisch flatgebouw dat in 1957 werd ontworpen door architect Jacques Cuisinier. Cuisinier, die werd geboren in Elsene, is vooral bekend als architect van het Karel de Grote-gebouw en de Brusilia-toren in Schaarbeek. Deze flats waren bedoeld voor de middenklasse en werden sleutelklaar verkocht (Vijverstraat 5, Biarritzsquare 1-7, Lannoystraat 15).

Op elke straathoek in Brussel is art nouveau te zien. Klaar voor dit originele pareltje dat Léon Delune in 1902 ontwierp? Dit huis was lange tijd de woning en het atelier van meester-glasblazer Clas Grüner Sterner, die de prachtige glas-in-loodramen maakte. (Vijverstraat 6)

Vervolgens sta je alweer oog in oog met een architectenwoning, het huis van Ernest Blerot, die dit verrassende gebouw in 1903 ontwierp. Hoewel duidelijk in art-nouveaustijl, onderscheidt dit gebouw zich door de erg ongebruikelijke geometrie, vooral vanwege het mijtervormige deel van de straatgevel. (Valleistraat 40)

La Cascade is een modernistisch flatgebouw dat in 1939 werd ontworpen door architect René Ajoux. De architect formuleerde zijn motto als volgt: "De zoektocht naar blijvende schoonheid in de architectuur of de decoratieve kunst zal altijd mijn enige doel zijn. Met als sleutelelementen zachte vormen, comfort en harmonie tussen de kleuren." Kun je je erin vinden? (Generaal de Gaullelaan 36)

Ernaast staat een mooi geheel van twee art-nouveauhuizen, in 1904 ontworpen door Blerot. Het zijn tweelingen, maar tegelijk ook verschillend. Beide huizen hebben prachtige smeedijzeren balustrades met arabesken. (Generaal de Gaullelaan 38-39)

Als je tussen de twee vijvers verdergaat, kom je bij deze twee bijna identieke huizen uit 1907 met een verrassende symmetrie, geïnspireerd op de geometrische art nouveau. Ze werden ontworpen door Edmond Delune, de broer van Ernest, die zelf in een ervan woonde. (Guillaume Macaulaan 3 en 5)

Terug in de Generaal de Gaullelaan mag je dit flatgebouw in modernistische stijl niet missen. Le Tonneau werd tussen 1938 en 1940 gebouwd naar een ontwerp van architect Jean-Florian Collin. Het gebouw heeft de ongebruikelijke vorm van een ingekorte ellips. Het is bedekt met roze bepleistering. De zeer luxueuze appartementen werden ontworpen voor een rijk clienteel. (Generaal de Gaullelaan 51)

Nu begeven we ons naar de abdij, maar onderweg zijn er nog een paar gebouwen die zeker een bezoek waard zijn. Met name deze groep van twee identieke herenhuizen in beaux-arts-stijl, ontworpen door Adrien Blomme in 1908. De twee gebouwen zijn ontworpen in spiegelbeeld en uitgevoerd in witte steen, typisch voor deze stijl. De twee koetspoorten gaven toegang tot de stallen en schuren aan de achterkant van het eigendom. (Abdijstraat 22-24)

We blijven in beaux-arts-stijl: iets verderop in dezelfde straat vinden we een elegant huis dat in 1905 werd ontworpen door Ernest Jaspar. Let op de overvloedige bogen en tegenbogen en de centrale toegangsdeur, vrij zeldzaam in Brussel. (Abdijstraat 51)

Daarna volgt een art-nouveauhuis dat zich onderscheidt van de gebruikelijke canons. Het is van de hand van architect Frans Albert en dateert uit 1900. De compositie is erg asymmetrisch, vooral de ramen, die allemaal verschillend zijn. Gebouwen als deze hebben de verdienste dat ze de eentonigheid van een straat doorbreken! (Paul Lautersstraat 47)

Nu gaan we naar de Abdij Ter Kameren. De site van deze voormalige abdij is een van de best bewaarde voorbeelden van een cisterciënzerklooster in het land. En in Brussel zijn dergelijke goed bewaarde kloosters uit het Ancien Régime al helemaal dungezaaid. De vele gebouwen op de site werden beetje bij beetje gebouwd sinds de 13e eeuw en dompelen je onder in de sfeer van die tijd. De meeste gebouwen die je vandaag de dag ziet, dateren uit de 18e eeuw. Alleen sommige delen van het klooster (13e eeuw) en de abdijkerk (14e eeuw, in gotische stijl) zijn ouder. Op deze plek is momenteel de befaamde École Nationale Supérieure des Arts Visuels de la Cambre gevestigd. Tip: deze prachtige groene ruimte is perfect om even een pauze te nemen! (Abdij Ter Kameren)

Als je het park   rond de abdij verlaat, kom je aan het Palais de la Cambre, een groep van vijf luxueuze art-decoflatgebouwen. Ze werden gebouwd tussen 1925 en 1930, in een tijd waarin volop flatgebouwen werden opgetrokken. De indrukwekkende voorgevel is versierd met magistrale beeldhouwwerken en prachtige bas-reliëfs. (Emile Duraylaan 60-68)

Deze wijk van Elsene heeft nog een aantal grote flatgebouwen die de moeite waard zijn. Het Palais de la Folle Chanson is nog zo'n mooi art-decoflatgebouw. Het dateert uit 1928. De architect Antoine Courtens tekende de plannen voor dit luxeflatgebouw, dat duidelijk gericht was op de rijke burgerij. De twee gevels van het hoekgebouw zijn verbonden door een rotonde; als je goed kijkt, zie je dat het bovenste deel ervan een stervormige compositie vertoont met de zeven straten aan het Sterreplein. (Sterreplein 2)

Het Sterreplein bevat nog meer interessante architectuur. Aan de andere kant zie je Résidence Ernestine, nog zo'n flatgebouw in modernistische stijl, in 1936 ontworpen door architect en projectontwikkelaar Jean Florian Collin. Net als het Palais de la Folle Chanson wordt het gebouw geflankeerd door een rotonde met veel ramen. (Sterreplein 3) 

Résidence de La Cambre is nog zo'n luxeflatgebouw, in 1937 ontworpen door architect Marcel Peeters. Hier baden we in de art-decostijl, geïnspireerd op New York. Kenmerkend voor de Noord-Amerikaanse architectuur is natuurlijk de getrapte structuur, die doet denken aan de wolkenkrabbers in dit deel van de VS. (Generaal Jacqueslaan 20)

Een laatste voorbeeld, om het goed in te prenten? Palais du Congo, ook in art-decostijl, vertoont een opvallende gelijkenis met de Résidence Ernestine. Wie zou dit flatgebouw ontworpen hebben? Jean Florian Collin natuurlijk, in 1930. (Kongolaan 2-4)

Om deze rondleiding door Elsene af te ronden, laten we de flatgebouwen even voor wat ze zijn en kijken we nu naar de schoolarchitectuur. Op de universiteitscampus Solbosch van de ULB is 'Bâtiment A' ongetwijfeld het meest indrukwekkende gebouw op de site. Het werd tussen 1924 en 1928 gebouwd door de architect Alexis Dumont in neobarokke stijl en valt op door zijn kenmerkende toren. Het gebouw maakt deel uit van een enorm universiteitscampus met talloze gebouwen en groene ruimten. (Franklin Rooseveltlaan 50)

Escapade: uiteraard mogen we ook de beroemde Villa Empain niet overslaan, een voormalig art-decoherenhuis ontworpen door de Zwitserse architect Michel Polak. In 1930 liet de 21-jarige baron Louis Empain dit 2.500 m2 grote herenhuis bouwen aan de prestigieuze Natiënlaan, die later werd omgedoopt tot de Franklin Rooseveltlaan. Het resultaat? Een monumentale villa op een perceel van 55 hectare met vier gepolijste granieten gevels, een tuin rondom een zwembad met een pergola en een conciërgerie. De diversiteit en kwaliteit van de gebruikte materialen (marmer, gepolijst graniet, brons, smeedijzer, glas-in-lood en kostbare houtsoorten), de verfijning van de details en de samenhang van het geheel, met zijn eenvoudige maar imposante lijnen, droegen onmiddellijk bij aan de erfgoedwaarde.