Historische wandeling : in de voetsporen van de Bourgondische hertogen

21 maart 2026
KBR

Wist je dat Brussel in de vijftiende eeuw eigenlijk al een soort hoofdstad avant la lettre was? Onder de Bourgondische hertogen groeide de stad uit tot het politieke en culturele hart van de Lage Landen. Kunstenaars, ambachtslui en kooplieden verdrongen er elkaar. Om nog maar te zwijgen van de uitdijende hofhouding in de bovenstad. Deze wandeling toont hoe Brussel uitgroeide tot een machtscentrum onder de Bourgondiërs en welke laatmiddeleeuwse sporen daarvan vandaag nog te vinden zijn.

Van moerasdorp tot hertogelijke residentie

Brussel begon nochtans bescheiden. De naam Bruocsella verwees naar een gehucht in een moeraslandschap langs de Zenne. Pas in de dertiende eeuw groeide de nederzetting uit tot een belangrijke residentie van de Brabantse hertogen. Zij verplaatsten hun hof van Leuven naar Brussel, waardoor de stad plots een veel grotere politieke rol kreeg.

Brussel ontwikkelde zich langs een duidelijke topografie met de centrale macht boven op de heuvel en het economische leven beneden. De Grote Markt werd niet voor niets de Nedermerct genoemd, oftewel benedenmarkt. Hier klopte het hart van de stad. Handelaars, ambachtslieden en kooplieden maakten van Brussel een levendige en welvarende handelsstad. 

Die stedelijke elite wou gezien worden en maakte haar macht zichtbaar in het stadsbeeld. Al aan het begin van de vijftiende eeuw startten de rijke patriciërsfamilies met de bouw van het indrukwekkende Stadhuis van Brussel.  Het belfort uit die periode herken je nog in het onderste deel van de toren. Wanneer de Bourgondiërs in 1430 Brabant erfden, troffen ze hier dus al een stad aan met ambitie. En dat past perfect in het kraam van de kersverse hertog, Filips de Goede. Onder zijn bewind kwamen de rechtervleugel en huidige toren erbij. Met zijn 96 meter hoogte werd het een echte blikvanger. Vandaag geldt het stadhuis als een meesterwerk van gotische architectuur en staat het, samen met de andere gebouwen op de Grote Markt, op de werelderfgoedlijst van Unesco. 

De Grote Markt was ook het toneel voor riddertoernooien, processies en politieke manifestaties. In 1452 behaalde Karel de Stoute hier zijn eerste tornooioverwinning. Het was een plek waar de Bourgondische hertogen en hun hof zich lieten zien, maar ook waar de stad haar eigen rijkdom en autonomie tentoonstelde. Kijk nog eens goed rond en maak je op voor een klim richting de Koudenberg.

De kunst van het heersen

Ga via de Grasmarkt naar de Magdalenasteenweg. In de vijftiende eeuw was dit een belangrijke as. En dat zie je – en voel je – nog altijd. Hoe hoger je loopt, hoe dichter je bij de macht komt. 

Langs deze weg wonen rijke burgers en hofleden. De Kunstberg heette toen nog de Hofberg (heb je hem?). Maar de huidige naam lijkt bijna een knipoog naar het verleden. Rond de Bourgondische hofhouding op de Koudenberg verzamelen zich ook opvallend veel kunstenaars en ambachtslieden. Onder andere schilder Rogier van der Weyden had hier zijn atelier. 

Mont des Arts - Kunstberg - © visit.brussels - Jean-Paul Remy

Hoe dat er allemaal uitzag, kan je vandaag nog ontdekken in de Koninklijke Bibliotheek van België. Daar ligt een van de grootste schatten uit deze periode. De Librije van de Bourgondische hertogen is een verzameling rijk verluchte handschriften. Die manuscripten zijn kleine kunstwerken. Op de bladzijden verschijnen ridders, kastelen, heiligen én het vijftiende-eeuwse Brussel in levendige kleuren en bladgoud. 

Eenmaal terug buiten, kijk nog eens goed naar het KBR museum. Tussen de monumentale zuilen zie je de buitenmuur van de Nassaukapel, ingemetseld in het moderne gebouw. Boven aan de trappen, links, staat het Hotel van Clèves-Ravenstein, het enige overblijfsel van de adellijke huizen uit de Bourgondische tijd.

Op de top van de Koudenberg

Zo, daar ben je dan. Maar waar is dat indrukwekkende paleis nu? In 1731 ging het Koudenbergpaleis jammer genoeg volledig in vlammen op. Wat ervan overblijft, ligt nu enkele meters onder de tramsporen van het Koningsplein. Ondergronds ontdek je in de archeologische site van de Koudenberg nog gewelfde gangen, zalen en verborgen kamers van dit ooit machtige paleis.

Brussels Experience Leisure - © visit.brussels - Jean-Paul Remy

Het moet er in ieder geval prachtig hebben uitgezien. Oorspronkelijk was het Koudenbergpaleis een burcht op de stadsomwalling. Toen Filips de Goede hertog van Brabant werd, liet hij duidelijk verstaan dat hij vaker in Brussel wilde verblijven. Maar dan moest Brussel wel zorgen dat de hertogelijke residentie een flinke upgrade kreeg. Een hoofdstad bestond nog niet in die tijd, maar hofsteden wel. Wie als stad wilde meetellen, moest de hertog kunnen bijhouden. Dus ging Brussel aan het renoveren. 

Het hoogtepunt van deze transformatie was de bouw van de Aula Magna. Deze indrukwekkende zaal stak boven alles uit: enorme gewelven die bijna veertig meter overspanden, lange spitsboogvensters, tweeëntwintig schoorstenen en een elegante statietrap. Het eerste ontwerp wordt meestal aan Rogier van der Weyden toegeschreven. De statiezaal was ook het decor van talloze beruchte banketten. ‘Leven als een Bourgondiër’ is niet voor niets een begrip. Veel eten en veel drinken, met andere woorden. Krijg je er al honger van? Ook vandaag eet je hier nog altijd als een echte Bourgondiër.

Tot de brand van 1731 was het paleiscomplex met bijbehorende tuinen en vijvers in heel Europa vermaard. En die plek is haar aantrekkingskracht nooit kwijtgeraakt. Vandaag kijkt de Belgische koning vanuit zijn Koninklijk Paleis op de Koudenberg uit op het Warandepark en de benedenstad. Op de plek van de Aula Magna en de oude kapel staat nu het Hotel Grimbergen, het kantoor van visit.brussels! Loop gerust even binnen voor tips en inspiratie om Brussel verder te verkennen.

Van banketzaal naar bidstoel

_JPR4027

In al dat feestgedruis zou je het bijna vergeten, maar de Bourgondiërs waren ook vrome mensen. Je ziet de Bourgondiërs onder andere terug in de glas-in-loodramen van de Sint‑Michiels‑en-Sint‑Goedelekathedraal. En ook hier komen we weer Rogier van der Weyden tegen. Hij werd hier in 1464 begraven. 

Maar wil je je echt inleven in het religieuze leven van toen, dan moet je je buiten de toenmalige stadsmuren wagen, richting Anderlecht. Neem de metro in het Warandepark (richting Erasmus, over wie later meer) en stap af aan de halte Sint-Guido. Daar staat de Sint-Pieter-en-Sint-Guidokerk, een belangrijk bedevaartsoord in de late middeleeuwen. De kerk kreeg haar gotische vorm mede dankzij Jan van Ruysbroeck. Hij is ook de architect van de toren van het Stadhuis van Brussel, delen van de Brusselse kathedraal en het paleis op de Koudenberg. De Rem Koolhaas van zijn tijd, zeg maar. 

Vlakbij ligt het Erasmushuis. De humanistische geleerde Desiderius Erasmus verbleef hier enkele maanden in 1521. Het is naar alle waarschijnlijkheid het oudste woonhuis in het gewest en misschien wel een van de vroegste geregistreerde voorbeelden van ‘stadsvlucht’. Volgens de overlevering liet een rijke Brusselse geldwisselaar hier in 1460 een huis bouwen om te ontsnappen aan de stank en het lawaai in de stad. Dat is niet zo verwonderlijk als je bedenkt hoe druk Brussel toen was. Toen Filips de Goede in 1467 stierf, telde het hof er meer dan duizend personen. Vandaag ontdek je in het museum schilderijen en prenten van Albrecht Dürer, Hugo van der Goes en Cornelis Metsys.  Achter het huis ligt een tuin met geneeskrachtige planten die al bekend waren bij zestiende-eeuwse geneesheren. Sluit je bezoek af met een wandeling door het begijnhof van Anderlecht, het kleinste van België. Het is een bijzonder stuk erfgoed en een mooi voorbeeld van religieus leven buiten de stadsmuren.

Met dat rustige hoekje eindigt onze tocht door de Bourgondische vijftiende eeuw. Aan het begin van de zestiende eeuw wordt keizer Karel V de erfgenaam van dat Bourgondische project. Onder zijn bewind wordt Brussel nog belangrijker binnen het uitgestrekte Habsburgse rijk. Meer over deze grote meneer lees je in deze historische wandeling.

 

Met Bart Van Loo door het Bourgondische Brussel

Wil je nog dieper duiken in het verhaal van de Bourgondische hertogen?  In de historische podwalk ‘Stoute Schoenen – een Bourgondische wandeling door Brussel’ gidst Bart Van Loo je door de hoofdstad. De podwalk is te beluisteren in het Nederlands, Frans en Engels en blijft beschikbaar via het digitale platform van VRT.

Wie het verhaal ook in beelden wil ontdekken, kan terecht in het KBR museum. Daar is tot en met 18 oktober 2026 een selectie miniaturen en aquarellen te zien, samengesteld door gastcurator Bart Van Loo. In zijn eerdere boeken en gelijknamige podcasts ‘De Bourgondiërs’ en ‘Stoute Schoenen’ ontvouwt Van Loo het grotere Bourgondische verhaal van de Lage Landen.